Bert De Beul brengt een gevoelig eerbetoon aan eenvoudige, dagdagelijkse onderwerpen. Hier tekenen de kruin van enkele bomen en een lichtmast zich in de verte af, in het onderste gedeelte van het doek. Hun silhouetten staan naast elkaar, in een sfeer die paradoxaal genoeg tegelijk zwaar en delicaat is. Het grijze palet is subtiel. Hoewel de kunstenaar een aanhanger is van een bijna fotografisch realisme (of eerder van de notie ‘fotografische onscherpte', neemt hij er toch afstand van door zijn beelden in een uitgesproken picturaal sfumato te hullen. De meeste van zijn werken blijven ‘zonder titel’, wat deze afstand of onzekerheid tegenover de reële referent nog beklemtoont. Zijn motieven lijken zich te willen opsluiten in het domein van wat ‘nooit volledig waarneembaar’ is. Voordat hij zich volledig aan de schilderkunst wijdde, studeerde Bert De Beul kunstgeschiedenis en was hij enige tijd verantwoordelijke van de collectie van het MuHKA (Antwerpen).